Het gaat onder meer om prijsafspraken op het gebied van staal voor de bouwsector tussen 1984 en 2002. Deze staalsoorten worden onder meer gebruikt in funderingen en bruggen.
Het kartel is in 2002 bij de Europese Commissie gemeld door het Duitse staalbedrijf DWK/Saarstahl. Omdat dat bedrijf de prijsafspraken als eerste meldde, hoeft het nu geen boete te betalen aan de Commissie.
„Het is verbazend dat zo veel bedrijven zo lang misbruik hebben kunnen maken van de Europese bouwsector”, aldus Almunia, die het kartel met een „planeconomie” vergeleek. De bedrijven zouden meer dan 550 keer bij elkaar gekomen zijn om de prijzen onderling af te stemmen.
De prijsafspraken golden voor alle EU-landen, behalve Groot-Brittannië, Ierland en Griekenland. Ook in Noorwegen vonden prijsafspraken plaats.
Een woordvoerder van ArcelorMittal liet tegenover persbureau ANP weten dat het concern de boete van de EU nauwlettend zal bestuderen en binnen de aangegeven periode met een antwoord zal komen. De zegsman zei verder dat ArcelorMittal volledig heeft meegewerkt aan het onderzoek van de Europese Commissie.
De Europese Commissie heeft dit jaar tot nu toe voor 1,5 miljard euro kartelboetes opgelegd. Vorige week kregen zeventien fabrikanten van badkamerspullen, waaronder Villeroy & Boch, nog een boete van 622 miljoen euro voor prijsafspraken over een periode van twaalf jaar.
Bron: nrc.nl

